Overweging 2e zondag door het jaar 2021 Cenakelkerk

 

17 januari 2021 2e zondag door het jaar                                                          Margaret de Groot-Vlasveld

1 Samuel, 3, 3b-10-19,  Johannes 1, 35-42

 

Al enkele weken was het onderwerp van gesprek in politiek Den Haag. Wie neemt er de politieke verantwoordelijkheid naar aanleiding van het rapport op de toeslagenaffaire? En welke verantwoordelijkheid wordt gevraagd aan het kabinet om ons land door de Coronacrisis te loodsen?  Een duivels dilemma, waarvan we nu weten welke beslissingen er genomen zijn. Een demissionair kabinet. En wij, wij vinden er allemaal iets van. Als burgers herkennen we ons in sommige meningen heel goed en andere verwerpen we. En de praatprogramma’s zien zichzelf als een deskundig platform.

We komen hier niet samen om het daar met elkaar over te hebben. Nee, we komen hier samen als gelovigen in een kerkgebouw waar de (vandaag figuurlijke) deur naar stilte openstaat. We komen samen als geloofsgemeenschap. We zijn hier als leerlingen, als volgelingen van Jezus. En we zijn allemaal geroepen. Door het ontvangen van het doopsel mogen wij antwoord geven als wij geroepen worden.

Het is niet vanzelfsprekend dat we ook echt luisteren als we geroepen worden. Soms houden we onze oren dicht, uit onzekerheid, uit angst of omdat we te veel met onszelf bezig zijn. Als we wel open staan, horen we een andere vraag. In het verlengde hiervan komt een tweede vraag, nl. of we er naar handelen. Durven we dan te antwoorden met: Spreek Heer, uw dienaar luistert.

In de lezing uit het boek Samuël geeft de eerste zin aan de lamp van God niet was gedoofd. Dat betekent dat het niet goed ging met het geloofsleven van Israël ten tijde van Eli en Samuel. Er was weinig elan en enthousiasme. En precies in moeilijke tijd wordt Samuel geroepen. Hij hoort een stem in de nacht, hij denkt dat het Eli is, de bejaarde priester die hem roept. Eli heeft levenservaring en beseft dat er meer aan de hand is, dat het God is die roept. Eli geeft daarom aan de jonge Samuel de raad om, wanneer hij nog eens de stem hoort, te antwoorden: “Spreek, Heer uw dienaar luistert”. “Hier ben ik”. “Hier ben ik” is het antwoord op de oproep bij de wijding van diakens en priesters en bij het afleggen van kloostergeloften. Hier ben ik, bereid om een engagement op te nemen. Maak maar zichtbaar waar het om gaat. Ook aan ons wordt die vraag gesteld als wij bij naam geroepen worden.

Jezus nodigt de leerlingen van Johannes, ze worden hier nog niet bij naam genoemd, uit om te komen kijken waar hij verblijft. En verblijven is meer dan ergens logeren. “Kom mee en je zult het zien”. We lezen niet wat ze zien, maar het zal een onvergetelijke indruk gemaakt hebben. In het volgen van Jezus wordt zichtbaar: Hier ben Ik en Ik zal er zijn. Ze hebben gevoeld dat Jezus “in de liefde van de Vader” verblijft. Dit zijn woorden die Jezus van zichzelf zegt op de avond voor zijn lijden. In die liefde wordt Hij gedragen. Het volgen van het voorbeeld van Jezus gaat verder dan geroepen worden. Hij ziet dat Jezus de Messias is.  Vanaf dan wordt een van de  leerlingen bij naam genoemd: Andreas. Hij vertelt het aan zijn broer Simon. Deze ontmoeting geeft een opdracht mee: Voortaan heet jij Kefas, dat betekent: rots. Op een rots kun je bouwen. Zo wordt doorgegeven waarin Jezus indruk heeft gemaakt. Als leraar, als Messias. Hij betrekt Simon erbij, als een rots waarop gebouwd kan worden. In ons gelovig leven zit een gelaagdheid. We worden ook meerdere keren geroepen. Algemeen, als lid bij de wereldkerk waar de Paus onze leidsman is. Regionaal, bij een bisdom, met de bisschop aan de leiding. Lokaal, bij een geloofsgemeenschap met pastores die als herder richting geven. In deze tijd van lockdown wordt de kring nog kleiner. Daarin worden we op onszelf teruggeworpen. In elke kring worden we geroepen. In deze coronaperiode wordt de roep sterker hoorbaar. Op de TV wordt het vaak gezegd: Laten we wat meer naar elkaar omkijken.
Het is het kind dat roept, nu er geen school is, om extra aandacht van ouders en grootouders.  Het is de patiënt, die vraagt om begrip en troost in zijn lijden.
Het is de leerling die, zonder klasgenoten en met online onderwijs om uitleg vraagt. Het is de kerkbezoeker, het koorlid die de geloofsgemeenschap mist en verdieping willen, die de ontmoetingen ontberen. Het is de eenzame, opgejaagde, kwetsbare, oudere en rouwende mens die erbij wil horen, die tot rust wil komen, door een gesprek. Het is een familielid, vriend of buur die een beroep op ons doet.

Deze nabijheid kan iedereen geven. Als volgers van Jezus mag er meer van ons gevraagd worden. Deze week is het de week van het gebed voor eenheid. Gebed, verstilling kan in deze periode, op momenten van eenzaamheid, uitzichtloosheid het verschil maken. Voor onszelf, maar ook bij bezoekjes of in telefoongesprekken. De kerkgebouwen zijn gesloten.  In ons huizen maken we een thuiskerk, onze woontent. We maken het zichtbaar door een kaarsje aan te steken, samen te bidden, gewoon een Onze Vader en een Wees Gegroet. Een psalm of een gebed dat vroeger thuis gebeden werd. Door te luisteren naar een kerkelijk lied zoals b.v. Blijf mij nabij, Licht dat ons aanstoot, Salve Regina. Daarmee maken we zichtbaar dat lid zijn van onze geloofsgemeenschap een andere gelaagdheid heeft. We worden geroepen om zichtbaar te maken wat Jezus ons voorleeft. We hebben een stevige rots nodig en mogen zelf een rots zijn om deze tijd van crisis goed door te komen.

Amen.

Meer nieuws

Preek voor de 2de zondag van de veertigdagentijd 2021, Cenakelkerk

Preek voor de 2de zondag van de veertigdagentijd 2021    […]

Overweging, 28 februari, 2e zondag 40 dagentijd 2021 B door pastoor Jacques Grubben.

In de afgelopen weken las ik een spraakmakend boek met […]

PaasChallenge in de parochies voor het hele gezin: “Wees niet bang!”

In samenwerking met de heilige Franciscusparochie (Bommelerwaard) en Jong Protestant […]

Preek voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd 2021 Cenakelkerk

Preek voor de eerste zondag van de Veertigdagentijd 2021    […]