Preek voor het feest van de H. Familie 2021 Cenakelkerk

Preek voor het feest van de H. Familie 2021                                                                         Herwi Rikhof

1 Joh. 3,1-2.21-24 / Lc. 2,41-52

 

Inleiding
Het feest dat we vandaag vieren, het feest van de heilige familie, is niet een echt oud feest. Zo’n 100 jaar geleden is het ingesteld en in de loop van die 100 jaar is het ook verschoven en uiteindelijk terecht gekomen in de kersttijd.

In het evangelie van vandaag maken we echter een sprong van de verhalen rond de geboorte, naar een verhaal over iets dat jaren later gebeurt, een verhaal dat dus eigenlijk niet in de kersttijd thuishoort. In het evangelie wordt de leeftijd van Jezus genoemd, twaalf jaar, en dat gebeurt niet zonder reden. Twaalf jaar is de leeftijd waarop een jongen bar mitzwa doet, zoon van de wet wordt, de beloften en verplichtingen die de ouders bij de besnijdenis voor hem gedaan hebben, nu zelf op zich neemt. Uit het evangelie blijkt dat Jezus die verantwoordelijkheid ook echt op zich neemt. In het verhaal dat we gaan horen zitten elementen die ons kunnen helpen bij verder nadenken over wat we gisteren gevierd hebben, dat wij door de Zoon kinderen van God kunnen worden.

 

Preek
Op het logo van het synodale proces lopen de mensen vooruit, van links naar rechts.

Logisch omdat het om toekomst gaat. Maar is het verleden dan niet van belang? Is de traditie dan niet van belang? Dat zijn vragen die in onze kerk altijd opkomen wanneer mensen met nieuwe ideeën komen, met voorstellen tot verandering en vernieuwing. En het zijn vragen die niet voortkomen uit een soort theoretische belangstelling, maar die vaak heel concreet zijn en die ook altijd iets defensiefs in zich hebben: er moet wat vast houden worden, er moet wat bewaakt, beschermd worden. En het is me al vaak opgevallen dat mensen in onze kerk die de traditie verdedigen, een tamelijk beperkte visie op de traditie hebben. Wie de geschiedenis van onze kerk ook maar een beetje kent, weet dat er op allerlei gebieden veranderingen en ontwikkelingen hebben plaats gevonden. Om maar een gewoon en niet echt controversieel onderwerp te nemen: de kerkmuziek. We hebben een veelvormige kerkmuziek, niet alleen eenstemmig, maar ook meerstemmig, niet alleen gregoriaans maar ook muziek van Bach, Mozart, Bruckner en talloze andere componisten. Vorige week zondag zong het koor hier een mis speciaal geschreven voor deze corona-pandemie, een mis die een beperkt aantal zangers op anderhalve meter afstand kan zingen. Dat laatste voorbeeld geeft ook aan dat een traditie niet alleen een veelvormige traditie is, maar ook altijd een levende traditie is. En dat laatste zien de verdedigers van de traditie ook nogal eens over het hoofd.

Een levende traditie. Hoe ontstaat die? Niet vanzelf, niet zomaar en ook niet gemakkelijk. Een levende traditie ontstaat wanneer mensen leren van de fouten uit het verleden, wanneer die fouten niet toegedekt worden of ontkend worden, maar erkend worden. Een levende traditie ontstaan wanneer mensen ontdekken dat mensen voor hen in soms heel andere omstandigheden, inzichten ontdekt hebben die boven de beperkingen van tijd en plaats uitstijgen, inzichten die zoiets als eeuwigheidswaarde hebben en die niet vergeten mogen worden. Inzichten die telkens opnieuw vertaald en concreet gemaakt moeten worden.

Een levende traditie: dat proces geldt voor ons als geloofsgemeenschap als geheel, dat geldt ook voor ieder van ons persoonlijk. En dat proces is natuurlijk niet beperkt tot een geloofsgemeenschap of tot individuele gelovigen. In een van de kranten las ik een serie interviews met mensen die het afgelopen jaar in het nieuws zijn geweest. Het interessante van die serie interviews was dat de vragen gericht waren om dit proces van leren van het verleden zowel negatief als positief aan het licht te brengen. Zo werden ze natuurlijk niet gepresenteerd – de term traditie, levende traditie viel niet, dat zijn mijn termen. Maar toch: dat proces was duidelijk voor mij.

In het verhaal dat we net als evangelie gehoord hebben, kunnen we ook dat proces van een levende traditie zien en wel op verschillende momenten. Allereerst dat Lucas opmerkt dat Jozef en Maria jaarlijks het paasfeest in Jerusalem vieren, dat zij zich scharen in die menigte over de eeuwen heen die het feest van de Uittocht vieren in de stad van God. Dat zij jaarlijks een pelgrimage maken. Dat zij jaarlijks dat gebeuren uit het verleden, de uittocht, naar het heden brengen, werkelijkheid maken en tot leven brengen. Wanneer wij Pasen vieren, dan klinkt in het loflied op de Paaskaars: in deze nacht trekt Israël door de zee. Niet in die nacht trok, maar in deze nacht trekt. Het verleden wordt heden.

Vervolgens merkt Lucas op dat Jezus als twaalfjarige jongen meegaat, ook volgens de traditie. Zoals ik al in de inleiding zei, betekent dit dat Jezus nu verantwoordelijkheid neemt. Hij neemt wat zijn ouders in het verleden beloofd hebben op zich en maakt het tot zijn heden en toekomst. Hoe diepgaand die beslissing is, wordt duidelijk uit de scene in de tempel, wanneer zijn ouders hem na drie dagen (!) zoeken eindelijk vinden: te midden van leraren, naar wie hij luistert en aan wie hij vragen stelt. Hij neemt kennis van de inzichten van die leraren en dan niet consumptief, maar discussiërend, kritisch, hij stelt vragen, hij komt met eigen antwoorden. Een voorbeeld van een levende traditie, waarbij het niet alleen gaat om horen en luisteren, maar ook om het je eigen maken van wat je hoort, ook om te onderscheiden, om te leren onderscheiden tussen goed en fout, waar en vals, ook om voortschrijdend inzicht.

Wanneer we ons bewust zijn van dat proces van de levende traditie, dat ingewikkelde en soms ook moeizame proces, dan kunnen we begrijpen dat onze beweging naar de toekomst niet tegenover aandacht voor het verleden, voor de traditie staat, maar dat die beweging naar de toekomst pas echt een beweging naar de toekomst wordt als we in een levende traditie staan. We moeten leren van de fouten uit het verleden en we moeten die inzichten die uitstijgen boven de beperkingen van tijd en plaats en die we misschien vergeten zijn vertalen en ons eigen maken. Dat kunnen we op ons zelf doen, maar de ervaring leert dat de hulp van anderen daar vaak bij nodig is. Dat kunnen die geloofsgesprekken zijn over de drie thema’s die op het logo onder die groep mensen staan die de toekomst van de kerk tegemoet gaan.

Meer nieuws

Leesgroep Zeven Sacramenten nu ook ‘s avonds

Met ingang van woensdag 26 januari zijn er – door […]

Preek voor de 3de zondag door het jaar 22/23 januari 2022 Cenakelkerk

Foto: Arjan Bronkhorst   Preek voor de 3de zondag door […]

Overweging, 23 januari, 3e zondag 2022 C door pastoor Jacques Grubben.

Leren openstaan voor de ‘verborgen’ betekenis van de woorden van […]

Actie Kerkbalans gestart in onze parochie, bankbetalingen zijn veilig

U hebt hiervoor een folder per post ontvangen en onder […]